Een paar jaar geleden was de zelfstandigenaftrek nog goed voor ruim €5.000 vermindering op je winst. In 2026 is daar nog maar €1.200 van over. Voor de meeste zzp'ers voelt dat als een sluipende belastingverhoging, ook al verandert je omzet geen cent. In dit artikel lees je precies hoe het afbouwschema in elkaar zit, waarom de overheid deze aftrek stap voor stap wegneemt, wat het urencriterium daarbij nog steeds van je vraagt en — het belangrijkste — wat het concreet scheelt op je bankrekening. We sluiten af met een paar manieren om het gemis van de aftrek te compenseren.
Het afbouwschema van de zelfstandigenaftrek: van €5.030 naar €1.200
De zelfstandigenaftrek wordt sinds 2020 ieder jaar verder verlaagd. Wat in 2019 nog €7.280 was, is in 2026 geslonken tot €1.200 en verdwijnt naar verwachting vanaf 2027 helemaal. Onderstaande tabel laat de meest recente jaren zien, zodat je het verschil met vorige jaren scherp voor je hebt.
| Jaar | Zelfstandigenaftrek |
|---|---|
| 2023 | €5.030 |
| 2024 | €3.750 |
| 2025 | €2.470 |
| 2026 | €1.200 |
| 2027 en verder | €0 (volledig afgebouwd) |
Ben je bij het begin van 2026 al AOW-gerechtigd, dan geldt niet het volledige bedrag maar de helft daarvan: €600 in plaats van €1.200. Dat sluit aan bij de gedachte achter de hele regeling — de aftrek compenseert onder meer het ontbreken van sociale zekerheid die AOW'ers voor een deel al via de AOW zelf hebben.
e-Boekhouden.nl
Boekhouding regelen?
e-Boekhouden is 15 maanden gratis voor startende zzp'ers. Inclusief BTW-aangifte en facturatie.
Claim gratis account →
Waarom wordt de aftrek afgebouwd?
De afbouw is geen boekhoudkundige truc om extra belasting op te halen, maar het gevolg van bewust beleid. Het kabinet vindt dat de fiscale behandeling van werknemers en zelfstandigen te ver uit elkaar was gegroeid: een werknemer met hetzelfde brutoloon als de winst van een zzp'er betaalde via loonheffing vaak aanzienlijk meer belasting, terwijl de zzp'er dankzij zelfstandigenaftrek, startersaftrek en MKB-winstvrijstelling een veel lager effectief tarief had. Dat verschil werd gezien als een oneigenlijke prikkel om als zelfstandige te gaan werken puur om fiscale redenen, in plaats van vanuit ondernemerschap zelf.
Door de zelfstandigenaftrek jaarlijks te verlagen, wordt het verschil in belastingdruk tussen beide groepen kleiner. Tegelijkertijd is dit beleid niet los te zien van de discussie over schijnzelfstandigheid: als het fiscale voordeel van zzp-schap kleiner wordt, verdwijnt ook een deel van de financiële prikkel om werknemers via een zzp-constructie in te huren. De MKB-winstvrijstelling van 12,70% blijft daarentegen wel bestaan, omdat die geacht wordt het reële ondernemersrisico te compenseren — iets wat voor werknemers per definitie niet geldt. Kortom: de aftrek verdwijnt niet omdat zelfstandig ondernemen minder gewaardeerd wordt, maar omdat de politiek een gelijker fiscaal speelveld nastreeft tussen werken in loondienst en werken als zzp'er.
Het 1.225-urencriterium: wie moet hieraan voldoen?
De zelfstandigenaftrek (en de startersaftrek) krijg je alleen als je voldoet aan het urencriterium: je moet in 2026 minimaal 1.225 uur aan je onderneming besteden. Daarnaast moet je meer dan de helft van je totale arbeidstijd aan je eigen bedrijf besteden als je ook nog in loondienst werkt of een andere bron van inkomen uit arbeid hebt — die laatste eis vervalt pas als je startende ondernemer bent geweest in een van de vijf voorafgaande jaren.
Voor het urencriterium telt breder mee dan alleen declarabele, factureerbare uren. Ook administratie en boekhouding, acquisitie en het onderhouden van je netwerk, reistijd naar opdrachten, en tijd besteed aan vakliteratuur of cursussen die je vakkennis bijhouden, tellen mee. Niet meegerekend worden privétijd, ziekte-uren (met een beperkte uitzondering rond zwangerschap) en vakantie- of verlofdagen. Houd een sluitende urenadministratie bij — bijvoorbeeld in een spreadsheet of in je boekhoudpakket — met datum, omschrijving en aantal uren per activiteit. Bij een controle door de Belastingdienst is dit vaak het eerste wat wordt opgevraagd, en zonder onderbouwing verlies je met terugwerkende kracht het recht op de aftrek voor dat jaar.
Impact op je netto inkomen: twee rekenvoorbeelden
Om het verschil tussen de oude en de nieuwe zelfstandigenaftrek concreet te maken, rekenen we twee winstniveaus door. We isoleren daarbij het effect van de afbouw: we vergelijken wat het zou schelen als dezelfde winst was belast met de aftrek van 2024 (€3.750) tegenover de aftrek van 2026 (€1.200), en rekenen beide keren door tot en met de MKB-winstvrijstelling van 12,70% en de geldende box 1-tarieven van 2026 (tot €38.883 35,75%, van €38.883 tot €78.426 37,56%, en daarboven 49,50%).
Voorbeeld 1: €35.000 winst
Met de aftrek van 2024 (€3.750) daalt je winst naar €31.250. Daarover trek je 12,70% MKB-winstvrijstelling af (€3.969), zodat er €27.281 belastbare winst overblijft. Bij het tarief van 35,75% kom je uit op €9.753 inkomstenbelasting. Met de aftrek van 2026 (€1.200) daalt je winst slechts naar €33.800; na 12,70% MKB-winstvrijstelling (€4.293) resteert €29.507 belastbare winst, wat neerkomt op €10.548 belasting. Het verschil is €795 méér belasting per jaar, puur door de lagere zelfstandigenaftrek — bij gelijkblijvende omzet en kosten.
Voorbeeld 2: €50.000 winst
Bij een winst van €50.000 loop je met beide berekeningen deels de tweede belastingschijf in. Met de aftrek van 2024 (€3.750) daalt de winst naar €46.250; na 12,70% MKB-winstvrijstelling (€5.874) resteert €40.376 belastbare winst. Daarover betaal je €13.901 over de eerste schijf en €561 over het restant boven €38.883, totaal €14.462. Met de aftrek van 2026 (€1.200) daalt de winst naar €48.800; na 12,70% MKB-winstvrijstelling (€6.198) resteert €42.602 belastbare winst, wat €13.901 plus €1.397 oplevert, totaal €15.298. Het verschil loopt hier op tot €836 extra belasting per jaar, iets hoger dan bij €35.000 winst omdat een groter deel van het gemiste aftrekvoordeel in de duurdere tweede schijf van 37,56% terechtkomt.
Deze bedragen lijken misschien bescheiden, maar ze tellen op: tussen 2023 en 2026 is de aftrek al met €3.830 gedaald, en dat verschil werkt via dezelfde rekensom door in een fors hogere jaarlijkse belastingdruk dan vier jaar geleden. Wil je precies weten wat dit voor jouw eigen winst en aftrekposten betekent? Reken het door met onze calculator hieronder.
Bereken je netto inkomen met de nieuwe aftrek →
Wat kun je nog doen om belasting te besparen?
Nu de zelfstandigenaftrek steeds minder voorstelt, verschuift het fiscale voordeel van zzp'ers naar andere posten. Een paar manieren om dat te benutten:
Benut de MKB-winstvrijstelling optimaal
De MKB-winstvrijstelling van 12,70% geldt automatisch over je winst na aftrek van de ondernemersaftrek, en is niet gekoppeld aan het urencriterium. Zorg dat je winst — en dus ook de vrijstelling — correct is vastgesteld door al je zakelijke kosten en investeringen tijdig en volledig te verwerken in je boekhouding. Let er wel op dat het fiscale voordeel van de zelfstandigenaftrek en startersaftrek samen (de "ondernemersaftrek") is gemaximeerd op het tarief van de tweede schijf van 37,56%, ook als jouw winst in de hoogste schijf van 49,50% valt. Bij hogere winsten profiteer je dus relatief iets minder van deze aftrekposten dan je op basis van je marginale tarief zou verwachten.
Trek zakelijke kosten volledig af
Met een kleinere zelfstandigenaftrek wordt het des te belangrijker om geen aftrekbare kosten te laten liggen: denk aan apparatuur, een deel van je thuiskantoor, telefoon- en internetkosten, vakliteratuur, cursussen en reiskosten voor opdrachten. Iedere euro aan zakelijke kosten verlaagt je winst rechtstreeks, en dus ook de belasting die je daarover betaalt — zonder de beperkingen die aan de ondernemersaftrek kleven.
Bouw pensioen op via lijfrente binnen je jaarruimte
Als zzp'er bouw je geen automatisch pensioen op, maar premies die je binnen je fiscale jaarruimte inlegt in een lijfrenteproduct zijn wél aftrekbaar van je winst in box 1. Dat levert in het jaar van inleg direct belastingvoordeel op, tegen doorgaans je marginale tarief, en bouwt tegelijk een oudedagsvoorziening op die de wegvallende zelfstandigenaftrek gedeeltelijk kan compenseren. Bereken je jaarruimte via de rekentool van de Belastingdienst voordat je inlegt.
Overweeg een BV bij hogere winst
Naarmate je winst stijgt en de zelfstandigenaftrek verder wegvalt, verschuift het omslagpunt waarop een BV fiscaal aantrekkelijker wordt dan een eenmanszaak. In een BV betaal je vennootschapsbelasting in plaats van box 1-tarieven over de winst, en kun je zelf bepalen hoeveel je als salaris en hoeveel je als dividend uitkeert. Voor de meeste zzp'ers met een winst onder pakweg €80.000-100.000 blijft een eenmanszaak vaak eenvoudiger en fiscaal vergelijkbaar, maar bij structureel hogere winsten is het de moeite waard om dit met een boekhouder of fiscalist door te rekenen.
Veelgestelde vragen
Hoeveel is de zelfstandigenaftrek in 2026?
In 2026 is de zelfstandigenaftrek €1.200. Dat is aanzienlijk lager dan de €5.030 in 2023, €3.750 in 2024 en €2.470 in 2025.
Heb ik recht op zelfstandigenaftrek?
Je hebt recht op zelfstandigenaftrek als je ondernemer bent voor de inkomstenbelasting, aan het urencriterium van minimaal 1.225 uur per jaar voldoet, en bij het begin van het kalenderjaar de AOW-leeftijd nog niet hebt bereikt (anders geldt de helft: €600).
Wanneer wordt de zelfstandigenaftrek afgeschaft?
Volgens het huidige afbouwpad daalt de zelfstandigenaftrek door naar €0 vanaf 2027. De aftrek wordt sinds 2020 jaarlijks stapsgewijs verlaagd.
Wat zijn alternatieven voor de zelfstandigenaftrek?
Denk aan de MKB-winstvrijstelling (12,70% vrijstelling over je resterende winst), pensioenopbouw via lijfrente binnen je jaarruimte, en het optimaal benutten van zakelijke kostenaftrek. Vanaf een bepaald winstniveau kan het voor sommige zzp'ers ook fiscaal aantrekkelijker worden om via een BV te werken.